Startpagina 

 Zweefvliegen is

 Zweefvliegen vereist

 Onderdelen zweefvliegtuig  Stuurorganen en krachten   Startmethoden   Lift  Landing

   Vlaams Zweefvliegcentrum Phoenix

 
 
 
 Sleepstart

Bij een sleepstart wordt het zweefvliegtuig achter een motorvliegtuig naar een afgesproken hoogte gebracht (bij voorkeur naar een gebied waar thermiek aanwezig is). De kabel wordt meestal aan de neushaak van het zweefvliegtuig gehecht. Eenmaal de hoogte is bereikt ontkoppeld de piloot van het zweefvliegtuig. De kabel blijft aan het sleepvliegtuig hangen of wordt via een mechanisme opgerold.


De normale positie tijdens een sleepvlucht is die waarbij het zweefvliegtuig boven het turbulente zog van het sleepvliegtuig wordt gehouden.

In sommige landen is een alternatieve positie populair: de lage sleepmethode.
Hierbij blijft het zweefvliegtuig onder het zog van het sleepvliegtuig vliegen.

Een sleepstart is duur. Daar tegenover staat natuurlijk de extra hoogte en de kans op een langere vluchtduur. Naast de prijs is de milieuproblematiek (geluidsoverlast sleepvliegtuig) een bijkomende reden om een andere startmethode te gebruiken: de lierstart.

 Lierstart
Een kabel van enkele honderden meters (1000 m is niet ongewoon) wordt aan de zwaartepuntshaak van het zweefvliegtuig gehecht. De lier trekt de kabel terug waardoor het zweefvliegtuig in de lucht wordt getrokken.

Het eerste deel van de start gebeurt geleidelijk. Met het toenemen van de hoogte kan worden overgegaan naar een steilere klim. Op een hoogte van 300 tot 500 meter wordt ontkoppeld en kan het zweefvliegtuig aan zijn vlucht beginnen. De vallende lierkabel wordt door een parachute afgeremd. Eenmaal op de grond trekt men de kabel terug naar de startplaats om een volgend toestel te laten vertrekken.

 

 

 

De lierstart is een eenvoudige, betrouwbare en goedkope startmethode, ideaal voor opleidingsdoeleinden.

 Motorstart

Moderne zweefvliegtuigen kunnen worden uitgerust met een motor. Deze "zelfstarters" gebruiken de motor bij het starten en eenmaal op hoogte wordt de motor afgezet en nadat de propeller stilstaat zal het toestel zich als een gewoon zweefvliegtuig gedragen.
Meestal is de motor inklapbaar en achter de cockpit ingebouwd. Ook bestaan er toestellen waarbij de propeller uit het neusgedeelte schuift.

  Klik hier voor een overzicht van alternatieve startmethoden.